Wanneer mensen verdwijnen
Er zijn verliezen waar we woorden voor hebben. Een overlijden. Een scheiding. Een baan die stopt.
Maar er is ook een vorm van verlies die stiller is. Minder zichtbaar.
En misschien juist daarom zo verwarrend en pijnlijk.
Dat is het verlies van mensen om je heen na ingrijpende gebeurtenissen en tijdens of na een periode van diepe verandering.
Vriendschappen die vervagen.
Contacten die plots stilvallen.
Mensen die eerst dichtbij waren en die er ineens niet meer zijn.
Meestal zonder ruzie.
Zonder duidelijk afscheid.
Soms zelfs zonder verklaring.
Wat er gebeurt als jij verandert
Na een ingrijpende gebeurtenis zoals ziekte, rouw, een breuk of een existentiële crisis verandert er iets fundamenteels.
Niet alleen in je leven, maar in wie jij bent.
Je tempo verandert.
Je prioriteiten verschuiven.
Je verdraagt minder oppervlakkigheid.
Je lichaam en zenuwstelsel geven andere signalen.
En dat heeft effect op relaties.
Sommige mensen kunnen met je meebewegen. Begrijpen dat je zelf de nieuwe jij ook nog moet leren kennen.
Andere mensen haken af.
Niet altijd omdat ze niet om je geven,
maar omdat jouw verandering iets raakt in hén waar ze (nog) niet naartoe kunnen of willen.
Je herinnert hen aan kwetsbaarheid.
Aan eindigheid.
Aan vragen die ze liever uit de weg gaan.
Of je past simpelweg niet meer in het beeld
dat ze van je hadden of in hoe ze zelf hun leven willen leiden.
Wat dat met je kan doen
Het kan je aan jezelf doen twijfelen.
Doe ik iets verkeerd?
Ben ik te veel?
Had ik me anders moeten gedragen?
Waarom kan ik dit niet “gewoon” samen doen?
Je kunt het gevoel krijgen dat je:
lastig bent geworden
zwaar bent
niet meer past
te veel vraagt
En juist als je al kwetsbaar bent, kan dit verlies extra hard binnenkomen.
Want je verliest niet alleen mensen,
je verliest ook het idee dat je gedragen wordt door je omgeving.
Wat belangrijk is om te weten (en te onthouden)
Dit verlies zegt niet dat jij faalt.
Het zegt niet dat je verkeerd bent veranderd.
En het zegt niet dat je te veel bent.
Het zegt vaak iets anders:
Dat jullie ontwikkeling niet meer synchroon loopt
Dat jouw proces confronterend is voor de ander
Dat sommige relaties gebaseerd waren op wie jij was, niet op wie je wordt
Transitie werkt als een filter.
Niet bewust.
Niet intentioneel.
Maar onvermijdelijk.
Rouwen om wat niet “stuk” is gegaan
Een van de lastigste kanten van dit soort verlies is dat er niets is wat je kunt herstellen.
Er is geen conflict om uit te praten.
Geen misverstand om recht te zetten.
Geen duidelijk moment van afscheid.
En toch is er rouw.
Rouw om nabijheid die er niet meer is.
Rouw om het verlies van gedeelde toekomstbeelden.
Rouw om het kwijt zijn van het idee dat sommige mensen “mee zouden gaan”.
Die rouw verdient ruimte.
Ook als niemand anders haar ziet.
Hoe je hiermee om kunt gaan
Niet door harder te trekken.
Niet door jezelf kleiner te maken.
Niet door je proces te vertragen om anderen bij te houden.
Maar door drie dingen:
1. Erkennen wat je verliest
Zonder het te bagatelliseren.
Zonder het te verklaren.
Zonder het meteen te willen begrijpen.
2. Stoppen met jezelf uitleggen
Wie echt mee kan bewegen, hoeft niet overtuigd te worden.
Wie niet mee kan, kun je niet overhalen zonder jezelf te verliezen.
3. Ruimte maken voor nieuwe verbindingen
Vaak stiller.
Langzamer.
Minder talrijk.
Maar dieper en echter.
Relaties die passen bij wie jij nu bent.
Niet bij wie je was.
Tot slot
Het verliezen van mensen in een transitieperiode is geen bewijs dat je de verkeerde kant op gaat.
Het is vaak juist een teken dat je niet meer terug kunt naar wie je was.
En dat vraagt moed.
Dat vraagt rouw.
En uiteindelijk: vertrouwen.
Vertrouwen dat wat wegvalt, ruimte maakt.
Niet meteen.
Maar wel écht.